Home - Kunstenaars - Galeries - Musea - Exposities  


Kunst om niet te vergeten. Naoorlogs werk uit eigen collectie

 
Max Bueno de Mesquit...
 
Marlene Dumas
 
Annette Rosen
 
Hendrik Valk

Over de expositie

In het Nationaal Holocaust Museum in oprichting is de tentoonstelling te zien Kunst om niet te vergeten. Naoorlogs werk uit eigen collectie. Het museum toont werk van 27 joodse en niet-joodse kunstenaars waarin de Jodenvervolging een rol speelt.

Meer dan de helft van de kunstenaars op de tentoonstelling heeft de vervolging als volwassene of als kind meegemaakt. Andere kunstenaars, niet-joods, waren ooggetuige. De naoorlogse generaties kunstenaars, kinderen en kleinkinderen van overlevenden, proberen onder meer het gemis van hun vermoorde familieleden vorm te geven.
+ + lees meer...

De tentoonstelling geeft een overzicht van krachtige en opvallende werken die verhalen vertellen, vragen stellen, de wrange feiten verbeelden en soms ook onmacht en onuitspreekbaar verdriet uitdrukken.

Bij sommige kunstenaars komen hun traumatische oorlogservaringen direct in het werk tot uitdrukking. Beeldend kunstenaar en amateurzangeres Frieda Tas (1896-1970) werd tijdens de Tweede Wereldoorlog naar concentratiekamp Bergen-Belsen gedeporteerd. Na de oorlog heeft ze niet meer gezongen en maakte ze eerst een reeks confronterende beelden van het kamp voordat zij ander, vrijer werk kon maken. Greet van Amstel (1903-1981) had aan haar gevangenschap in Auschwitz een kapotte rug overgehouden en kon niet meer beeldhouwen. Nadat zij haar oorlogsherinneringen had opgeschreven, begon zij andere vormen en technieken te ontwikkelen, en maakte daarna abstracte schilderingen.

Ook niet-joodse kunstenaars maakten werk met de Holocaust als thema. De bekende fotograaf Ed van der Elsken (1925-1990) legde na de oorlog de afbraak van de oude Amsterdamse Jodenbuurt vast: huizen van joodse bewoners die vermoord waren. Marlene Dumas (1953) maakte in 1990 in opdracht van het Joods Historisch Museum het werk Liberation (1945). Hierop verbeeldt zij het gezicht van een man die bevrijd is uit een concentratiekamp en niet meer in staat is vreugde uit te drukken.

Daarnaast zijn werken te zien van naoorlogse kunstenaars van wie familieleden zijn vermoord in de oorlog. Zij reconstrueerden onder meer hun familiegeschiedenis, met fotografie, in installaties, met pentekeningen en in kunstenaarsboeken. Fotograaf Leo Divendal (1947) bezocht het kamp Theresienstadt, waar zijn oudtantes omkwamen. Annette Rosen (1953) probeerde de omvang van het verlies van meer dan tweehonderd familieleden zichtbaar te maken met een installatie van vazen, waarin elke vaas staat voor 1 vermoord familielid.

Ook te zien in de tentoonstelling
Filmfragmenten uit documentaires, praatprogramma’s en interviews waarin een aantal kunstenaars aan het woord komt.


Wanneer en waar

Expositie loopt t/m 2 sep 2018

Joods Historisch Museum (JHM)
Nieuwe Amstelstraat 1
1011 PL Amsterdam
020-5310310

open: ma t/m zo 11.00-17.00, gesloten op Joods Nieuwjaar en Grote Verzoendag, entree € 15,00